Jelmer's Infostek
artikelen geschreven
door Jelmer Uitentuis
Stakingsrecht voor scholieren
Stakingsrecht achtergebleven kindje van het poldermodel
>
Op 6 december gaan leerlingen van het middelbaar onderwijs massaal staken. Zij protesteren daarmee tegen de problemen bij de invoering van het studiehuis. De werkdruk is voor leerlingen te hoog geworden en dat heeft verschillende oorzaken; het programma is te vol, de organisatie is gebrekkig en de faciliteiten zijn niet toereikend.
Volgens de politiek heeft het studiehuis te maken met kinderziekten en aanloopproblemen; leerlingen worden daar misschien wel de dupe van, maar de politiek is niet van zins op korte termijn daar een oplossing voor te verzinnen. Staatssecretaris Adelmund wil eerst een inventarisatie van de problemen en overleg met alle betrokken partijen om daarna pas met ideeen te komen.
Dat is beleidstechnisch geen gekke oplossing, maar daarmee versterkt zij het gevoel van de leerlingen dat zij als proefkonijn van de staatssecretaris gelden; dat gevoel is niet onterecht. Leerlingen willen daarom duidelijk maken dat zij daarvoor passen; zij gaan
een dag in staking.
De werkdruk voor leerlingen is inderdaad hoger geworden; het aantal vakken is uitgebreid, daarvoor is per vak de stof niet of nauwelijks verminderd. Daardoor zou de werkweek van leerlingen geen 30 uur, maar zo'n 40 uur gaan bedragen. Leerlingen zijn de
grootste groepen harde werkers in Nederland; terwijl er binnen iedere betaalde sector wordt overgegaan op een 36-urige werkweek, krijgen zij minimaal 40 uur werk per week voor de kiezen.
Uit pedagogisch oogpunt is het studiehuis een vooruitgang. Leerlingen worden in de laatste fase van het middelbaar onderwijs beter voorbereid op hun vervolgonderwijs. Voor de persoonlijke ontwikkeling van de leerling zijn veel meer mogelijkheden; leerlingen leren zelfstandiger te werk te gaan, maar ook beter in groepsverband te werken. Scholen krijgen de mogelijkheid veel meer te doen aan vrije invulling van het vak, ze kunnen dat beter toegespitst op de individuele leerling doen.
Naast die persoonlijke invulling van de vakken bestaat er meer ruimte voor persoonlijke begeleiding van leerlingen. De staking is dus niet gericht tegen het studiehuis maar tegen de te hoge werkdruk en het gebruik van leerlingen als proefkonijn. Voor werknemers zouden dit legitieme redenen zijn om te protesteren en het werk neer te leggen.
Zowel kwaliteit op de werkvloer in de vorm van facilitering, als een goede verdeling van het werk en de werkdruk dragen bij aan de kwaliteit van het geleverde produkt. Zou je de voorbeelden van de markt op het onderwijs loslaten dan zou het geleverde produkt de ontwikkeling van de leerling zijn, de facilitering een goed schoolgebouw en goed lesmateriaal dat betaalbaar is, en de werkdruk de
belasting op de leerlingen in de vorm van lesuren en huiswerk.
Voor werknemers geldt het recht van staking zoals het in de mensenrechten genoemd staat; zij verenigen zich in stakingscomites en leggen dan het werk neer. Daar hebben zij geen toestemming van de werkgever voor nodig. Leerlingen hebben dat stakingsrecht niet; zij zijn aan de willekeur van de school onderhevig wat er met hun gebeurd wanneer zij hun werk neerleggen. Adelmund
benadrukte dat op dinsdag drieentwintig november tijdens het vragenuurtje. Dat betekent voor leerlingen de kans op uitsluiting van verder onderwijs, wekenlang nakomen om schoon te maken of extra opdrachten.
De staatsecretaris moet niet alleen voorkomen dat er leerlingen gestraft worden wanneer zij op 6 december gaan staken, maar moet binnen afzienbare tijd het stakingsrecht van leerlingen in de wet vastleggen. Adelmund heeft geen zin om dat stakingsrecht op de agenda te zetten; zij denkt dat scholen de verstandigste oplossingen voor hun leerlingen zullen kiezen. Dat zal de school pas doen wanneer duidelijk is dat ook de school belang heeft in de staking, maar dat heeft de school niet altijd.
De staatssecretaris is daarmee naief; zij moet wettelijk regelen dat leerlingen kunnen gaan staken. Daarvoor zijn verschillende redenen te verzinnen. Niet alleen de kwaliteit van het onderwijs is erbij gebaat, ook de kwaliteit van de inspraak die leerlingen op
scholen hebben.
De inspraak op scholen is vaak niet effectief genoeg omdat leerlingen nauwelijks mogelijkheden hebben hun ideeen en eisen kracht bij te zetten. Willen ze staken dan is de school bevoegd hen daarvoor te straffen en die straffen zijn willekeurig. De wet geeft geen enkele bescherming voor deze leerlingen. De inspraak van leerlingen waarmee de kwaliteit van het onderwijs verhoogd kan worden, wordt daarmee een schijnvertoning. Dat leerlingeninspraak van belang is bij de invoering van bepaalde beleidsveranderingen blijkt uit de invoering van het studiehuis. Op scholen waar de Tweede Fase in constant overleg met leerlingen is ingevoerd zijn minder problemen.
De kwestie die op 6 december aan de orde is is niet alleen de zwaarte van het studiehuis, maar ook de bereidheid van de staatsecretaris leerlingen serieus te nemen binnen de beleidsvorming voor het onderwijs. Is Adelmund daartoe bereid dan zet ze niet alleen een grondige inventarisatie van het studiehuis en de daaraan gekoppelde maatregelen op het programma, maar geeft ze leerlingen ook het stakingsrecht
2000 - samen met Peter van de Wijngaart
>