Jelmer's Infostek
artikelen geschreven
door Jelmer Uitentuis
Wat is erger; werkloosheid of ongelijkheid?
Vier stellingen over de toekomst van de verzorgingsstaat.
Wat is erger; werkloosheid of ongelijkheid? Dit is de vraag die, in antwoord op de oliecrisis en de recessie van de jaren 80, centraal is komen te staan in het overheidsbeleid betreffende de verzorgingsstaat. De vraag of Nederland een verzorgingsstaat nodig heeft is niet aan de orde; er zijn een aantal redenen waarom we de welvaartsstaat met al zijn zorgarrgangementen willen behouden. De vraag blijft alleen; is dat ook in de toekomst mogelijk? Vier stellingen:
Allereerst; Nederland wil een verzorgingsstaat zijn, kan het zijn, en moet het zelfs zijn. De ontstaansgeschiedenis van verzorgingsarragementen ligt er in dat met name rijken geen overlast meer wilde ondervinden; tegen roof stichten zij armenhuizen, tegen ziekten ziekenhuizen. Die tendens zich tot op heden door. In het dilemma van collectieve actie wordt regelmatig de overheid als eerst verantwoordelijke aangewezen.
Nederland heeft de mogelijkheden een verzorgingsstaat te zijn doordat het enerzijds rijk is, goede uitvoerende instituties kent met een bijbehorende functionerende bureaucratie, en omdat het zijn economische risico’s internationaal kan spreiden. Dit laatste heeft te maken met de open economie die in hoge mate gericht is op internationale handel.
Die tamelijk open economie dwingt het land ook een hoge standaard van verzorging te bieden en te garanderen. Dat is namelijk een bindmiddel voor met name hoger opgeleiden aan het land; uitwijken naar het buitenland zou een interessante optie zijn wanneer daar de verzorgingsarragementen net zo uitvoerig, betaalbaar en toegankelijk zouden zijn.
Ten tweede; de Nederlandse verzorgingsstaat zal onhoudbaar blijken door
zijn conservatief corporatistische opbouw. Van oorsprong heeft de
Nederlandse verzorgingsstaat twee belangrijke kenmerken; het
arbeidsverleden van de persoon heeft rechtstreeks invloed op de
aanspraken van diegene op sociale zekerheid; bijvoorbeeld hoe langer
gewerkt hoe meer Pensioen [foutje in oorspronkelijk artikel, zie
onderaan]. Veel van de zorg wordt opgevangen binnen het gezin,
voornamelijk door de vrouw, in Nederland heerst een sterk
kostwinnersmodel.
Door demografische veranderingen, kleinere gezinnen; meer singles, en door de stijgende behoefte aan meer arbeidsproductiviteit om de internationale concurrentiedruk het hoofd te kunnen bieden zullen meer vrouwen moeten gaan werken. De inrichting van de huidige verzorgingsstaat is daar niet op berekend, is op langere termijn economisch onhoudbaar en moet dus gewijzigd worden.
Derde stelling: Vervagende grenzen, toenemende mondialisering en migratiestromen leiden noodzakelijk tot zowel andere financieringsvormen voor verzorging, en tot andere voorwaarden voor toegang tot verzorging.
Omdat overheden gerelateerd zijn aan grenzen van de natiestaat zal de rol van de overheid verminderen; private verzekeringen kunnen gemakkelijker grenzen overschrijden, en zijn dus aantrekkelijker om sociale zekerheid te bieden binnen een grenzeloze wereld. Wil een overheid een rol blijven vervullen dan moet deze voorwaarden stellen aan de toegang, dat kan alleen op basis van arbeid. Een overheid die inkomensgaranties wil bieden moet actief zijn als arbeidsbemiddelaar om langdurige werkloosheid zoveel mogelijk te vermijden, terwijl daarnaast bedrijven meer vrijheid moeten krijgen hun concurrentiepositie te behouden door gemakkelijker mensen te kunnen ontslaan. Omdat loon en kapitaal zich te weinig van de grenzen van de natiestaat aantrekken, moet gezocht worden naar andere financieringsmethoden; dit kan bijvoorbeeld door de consumptie zwaarder te belasten.
En als vierde: ongelijkheid is erger dan werkloosheid. Maar voorkomen van ongelijkheid kan slechts door ook de werkloosheid aan te pakken; langdurige werkloosheid leidt tot een onoverbrugbare sociale kloof.
De Nederlandse bescherming van de werknemer is zeer uitgebreid, waardoor een tweetal mechanieken op elkaar inwerken. De redelijk uitgebreide ontslagbescherming, met inkomensgaranties en langdurige procedures, zijn voor werkgevers een reden minder snel mensen in dienst te nemen. Wanneer zij dat wel doen, en het betreffende bedrijf krijgt moeilijkheden komen zij verder in de financiële problemen door de hoge kosten. Hierdoor verzwakt de internationale economische concurrentiepositie van bedrijven. Wil een bedrijf kunnen blijven voortbestaan dan moet deze meer flexibel kunnen inspelen op de economische fluctuaties. Hierdoor zullen bedrijven sneller mensen in dienst nemen. Door deze flexibiliteit te creëren kan de hoge graad van verzorging in een staat behouden blijven, waardoor vermindering van ongelijkheid mogelijk blijft.
Het huidige beleid van Balkenende 2 is gericht op het uitkleden van de verzorgingsstaat; het kabinet rekent zich rijk door minder te doen. Op basis van de vier stellingen die ik geef verwacht ik dat deze strategie niet werkt; Nederland heeft een verzorgingsstaat nodig, moet af van het kostwinnersmodel en op zoek naar financieringsvormen buiten het loon. Daar kan ook GroenLinks iets van leren; met name de flexibilisering van de arbeidsmarkt is nodig om op termijn een uitgebreide en universalistische verzorgingsstaat te creëren en te kunnen behouden.
[in het oorspronkelijke artikel stond AOW, in plaats van pensioen. De
AOW is echter niet loon of arbeidsverleden gerelateerd. Een foutje dus.
AOW is een vaste uitkering die slechts afhangt van of je samenwoont. De
tweede laag van het Nederlands pensioenstelsel is wel gerelateerd aan
inkomen en arbeidsverleden; het echte (bedrijfs)pensioen, de derde laag
is de private pensioen en die hangt af van wat je zelf geld opzij kon
en wilde zetten]
mei 2004, OverDWARS