Categorie: leesvoer
Door: Jelmer
Datum: 27/12
Echte helden zitten in het A-team. Ze gaan onrecht te lijf, zijn slim en kunnen goed acteren. Ze kennen het onderscheid tussen goed en kwaad. Ze maken plannen die altijd werken. Ze redden de onderdrukte burger, terwijl de overheid hen juist probeert dwars te zitten. Het is een complot waarin ze verzeild zijn geraakt. Ooit waren ze trouw aan het Amerikaanse ideaal, toen werden ze beschuldigd van verraad. En hoewel de jonge mannen regelmatig in het rond schieten, geloof je direct dat zij het hart op de juiste plek hebben zitten.
Pieter Lakeman, die de Nederlander wilde redden van de kwelling die onze nationale geitenwollensok was. Dirk Scheringa, die de onschuld zelf speelde in een door hem gearrangeerd drama. Nout Wellink, de koelbloedige rekenmeester die al lang uitgerekend had hoeveel euro's hij kwijt zou zijn als DSB over de kop ging. En Wouter Bos, die ten koste van al zijn goedbedoelde idealen moest vertellen dat het Noord-Hollands imperium niet meer te redden was. Als ze in een busje zouden zitten, op de vlucht voor de realiteit, zouden ze dan samenwerken?
Een onschuldige vrouw kan fluiten naar haar geld. Haar mooie geleende erker moet worden afgebroken. Daar komt de zwarte Van. Lakeman stapt uit en zegt dat je Scheringa niet mag geloven. Wellink pakt het wapen en schiet de erker aan flarden. Scheringa schudt zijn hoofd, kijkt er naar en beweert dat hij er niks aan kan doen. En Bos roept dat Scheringa het allemaal had kunnen voorkomen, mits hij wist hoe hij met geld om zou moeten gaan. De vrouw vliegt Wellink aan, die haar gemakkelijk van zich afschudt. Scheringa zegt: ik ben ook alles kwijt. Lakeman trekt de vrouw naar zich toe, troost haar en loopt dan weg. Bos staat er bij en vraagt zich af wie dit plan heeft bedacht.
DSB was de bank van het inhalige individu. Dat zich meer dacht te kunnen veroorloven dan mogelijk was. Klanten speculeerden op winsten die nooit zouden komen, en DSB beloofde dat kopen nooit meer een probleem zou worden. Zo'n concept kan alleen bestaan met een blind vertrouwen. En dat werd wel heel snel onderuit gehaald.
DSB was de bank met een succesvolle politieman aan de de top. Een man die dacht dat de wereld slechts bestond uit winnen, steeds meer, steeds beter. Een man die dacht dat alles kon. Een eigen voetbalclub, een schaatsploeg, een museum, een eigen vliegtuig. Allerlei activiteiten die knaagden aan de betrouwbaarheid van zijn core business. Goed omgaan met geld.
Scheringa dacht dat hij niks verkeerd had gedaan, dat hij het grootste slachtoffer was van het failliet van DSB. En dus hief hij zijn armen in de lucht toen zijn bank brak. Niet hij, maar allerlei anderen hadden zijn bedrijf kapot gemaakt. En als zijn werknemers geloofden hem nog.
In 2010 komt Scheringa terug. Hij neemt het stokje over van Martin Gaus. Hij gaat Dierenmanieren presenteren. Hij kijkt onschuldig de camera in, prijst een kat aan en zegt dat het een lief beest is. Dan smijt hij de kat van zich af. Zoals hij niks had met zijn klanten, niks met zijn werknemers, zo heeft hij ook niets met dieren. Anders was hij in de tussentijd ook wel een dierentuin gestart. Maar Dirk's gezicht is zo guitig, het past bij een programma over zielige beesten.
En opeens stopt het busje voor het asiel. Wellink, Bos en Lakeman stappen uit. Ze halen de verlaten honden, verwaarloosde katten, en de enkele nog overgebleven papegaai uit de hokken. Eindelijk worden ze bevrijd van het juk van Dirk Scheringa. Door echte helden.
Pieter Lakeman, die de Nederlander wilde redden van de kwelling die onze nationale geitenwollensok was. Dirk Scheringa, die de onschuld zelf speelde in een door hem gearrangeerd drama. Nout Wellink, de koelbloedige rekenmeester die al lang uitgerekend had hoeveel euro's hij kwijt zou zijn als DSB over de kop ging. En Wouter Bos, die ten koste van al zijn goedbedoelde idealen moest vertellen dat het Noord-Hollands imperium niet meer te redden was. Als ze in een busje zouden zitten, op de vlucht voor de realiteit, zouden ze dan samenwerken?
Een onschuldige vrouw kan fluiten naar haar geld. Haar mooie geleende erker moet worden afgebroken. Daar komt de zwarte Van. Lakeman stapt uit en zegt dat je Scheringa niet mag geloven. Wellink pakt het wapen en schiet de erker aan flarden. Scheringa schudt zijn hoofd, kijkt er naar en beweert dat hij er niks aan kan doen. En Bos roept dat Scheringa het allemaal had kunnen voorkomen, mits hij wist hoe hij met geld om zou moeten gaan. De vrouw vliegt Wellink aan, die haar gemakkelijk van zich afschudt. Scheringa zegt: ik ben ook alles kwijt. Lakeman trekt de vrouw naar zich toe, troost haar en loopt dan weg. Bos staat er bij en vraagt zich af wie dit plan heeft bedacht.
DSB was de bank van het inhalige individu. Dat zich meer dacht te kunnen veroorloven dan mogelijk was. Klanten speculeerden op winsten die nooit zouden komen, en DSB beloofde dat kopen nooit meer een probleem zou worden. Zo'n concept kan alleen bestaan met een blind vertrouwen. En dat werd wel heel snel onderuit gehaald.
DSB was de bank met een succesvolle politieman aan de de top. Een man die dacht dat de wereld slechts bestond uit winnen, steeds meer, steeds beter. Een man die dacht dat alles kon. Een eigen voetbalclub, een schaatsploeg, een museum, een eigen vliegtuig. Allerlei activiteiten die knaagden aan de betrouwbaarheid van zijn core business. Goed omgaan met geld.
Scheringa dacht dat hij niks verkeerd had gedaan, dat hij het grootste slachtoffer was van het failliet van DSB. En dus hief hij zijn armen in de lucht toen zijn bank brak. Niet hij, maar allerlei anderen hadden zijn bedrijf kapot gemaakt. En als zijn werknemers geloofden hem nog.
In 2010 komt Scheringa terug. Hij neemt het stokje over van Martin Gaus. Hij gaat Dierenmanieren presenteren. Hij kijkt onschuldig de camera in, prijst een kat aan en zegt dat het een lief beest is. Dan smijt hij de kat van zich af. Zoals hij niks had met zijn klanten, niks met zijn werknemers, zo heeft hij ook niets met dieren. Anders was hij in de tussentijd ook wel een dierentuin gestart. Maar Dirk's gezicht is zo guitig, het past bij een programma over zielige beesten.
En opeens stopt het busje voor het asiel. Wellink, Bos en Lakeman stappen uit. Ze halen de verlaten honden, verwaarloosde katten, en de enkele nog overgebleven papegaai uit de hokken. Eindelijk worden ze bevrijd van het juk van Dirk Scheringa. Door echte helden.